Welkom

Andere en nieuwe dienstverlening in antwoord op de coronacrisis

Goede zorg, dienstverlening én de bescherming van de zwaksten in onze maatschappij liggen Xtra en al haar medewerkers nauw aan het hart. 
Daarom zal onze dienstverlening deze weken anders ingericht worden.

Lees hier verder

Corona zorgt voor veel spanning, ongemak en nood. De servicepunten XL hebben met vele Haagse wijkpartners de handen ineen geslagen. Samen zorgen we voor kwetsbare wijkbewoners die in de knel komen. Voor (hulp) vragen, zorgen of een goed gesprek kunnen inwoners van Den Haag vanaf vandaag – 19 maart 2020 -  terecht op één centraal telefoonnummer; 070.205.30.03. Dit is bereikbaar van maandag tot en met vrijdag van 9.00 tot 21.00 uur en in het weekend van 10.00 tot 16.00 uur.

Wij hebben onze krachten gebundeld in Xtra

Op zoek naar wat wij voor u kunnen betekenen?

Bent u op zoek naar praktische informatie over wat wij doen, tijdstippen en locaties? Of wilt u meer weten over het nieuws uit de wijken? Klik dan op de buttons hieronder. U wordt dan doorgezet naar de websites van de betreffende organisaties.

Zebra WelzijnVOOR WelzijnMOOI WelzijnMEE ZHNJIPJITSMW +JongLeren

Welkom

Wij ondersteunen bewoners in hun kwetsbare periodes; wanneer zij het tijdelijk of langdurig moeilijk hebben omdat ze fysiek en/of mentaal niet goed in staat zijn deel te nemen aan de samenleving. Wij benutten hun talenten en mogelijkheden en geven hen de kans problemen zelf op te lossen, in en met hun sociale netwerk.

Meer over Xtra

Nieuws

‘Ik wil juist nu zekerheid blijven bieden en contact houden’

25 mei 2020


Astrid Bleumer is cliëntondersteuner van mensen met een verstandelijke beperking van MEE en van gezinnen en mensen die via het meldpunt Bezorgd Delft bij haar terecht komen. Ook in coronatijd gaat de Kortdurende Intensieve Aanpak (KIA) onverminderd door. Hoe doet ze dat? Hoe ziet haarwerk eruit? “Juist nu wil ik de cliënten zekerheid blijven bieden.” (MEE ZHN is onderdeel van Xtra)

Astrid Bleumer zou een boek kunnen schrijven over haar werk. Ze is de steun en toeverlaat van tientallen gezinnen in Delft. Een drukke baan die haar veel voldoening geeft. Bij MEE is ze cliëntondersteuner voor mensen met een beperking met allerlei hulpvragen bij Delft Voor Elkaar. Zo helpt ze een alleenstaande moeder met het zoeken naar werk of een meneer met een lichamelijke beperking met de aanvraag voor een ander huis.

Daarnaast ondersteunt Bleumer bij Kortdurende Intensieve Aanpak (KIA) mensen die psychisch of financieel in de knoop zitten. Na een melding van buren, familieleden, huisartsen, wijkagenten of woningbouwverenigingen bij Meldpunt Bezorgd Delft komen ze na een hulpvraag-screening bij KIA terecht. Het gaat vaak over dreigende uithuiszetting, verwaarlozing, financiële problemen.

Orde in de chaos
Bleumer schept orde in de chaos. Ook in coronatijd. De praktische zaken, zoals een plan van aanpak maken, contact leggen met budgetbeheerder en voor gezinnen in nood fondsen aanvragen kan met thuiswerken gewoon doorgaan. Maar juist de vele huisbezoeken, het grootste deel van haar werk, liggen nagenoeg stil.

Voordat ze aan de slag kan, moet ze vertrouwen van cliënten zien te winnen. Huisbezoeken zijn daarin essentieel. “Mensen met wie ik te maken krijg, zijn vaak zorgmijders. Ze hebben al een hele geschiedenis van hulpverlening achter de rug. Ze zien mij als de zoveelste. Ze hebben hulp nodig, maar geloven er niet meer in. Het vertrouwen is weg; achterdocht heerst”, zegt Bleumer.

 

“Niet alleen ontmoetingen, ook andere manieren van contact kunnen hoop bieden”, weet Astrid Bleumer. “Voornaamste in coronatijd is mensen laten weten dat ze er niet alleen voor staan.” 

 

In het echt zien
Juist die nodige huisbezoeken zijn tijdens de lockdown nauwelijks mogelijk. Die hebben plaatsgemaakt voor videobellen. “Natuurlijk kun je een via een videoverbinding een gesprek voeren, maar je mist de non-verbale communicatie. Je kunt mensen niet recht in de ogen aankijken en ziet niet hoe ze zich bewegen in hun eigen omgeving. Het is een gemis.”

Daarom probeert Bleumer cliënten soms nog wel in het echt te zien, op anderhalve meer en in de buitenlucht. Laatst is ze een stuk gaan lopen met een nieuwe cliënt, een jongen van 21 jaar. Hij had zichzelf aangemeld met financiële problemen. “Soms is er meer aan de hand dan alleen die ene hulpvraag. Je zoekt altijd naar de vraag daarachter. Hij bleek geen netwerk te hebben en liep ook vast met werk. Ontmoetingen leveren zoveel meer informatie op dan een videocall.”

Kaartjes rondbrengen
Toch kunnen ook andere manieren van contact de mensen hoop bieden, weet Bleumer. Voornaamste in deze tijd is mensen laten weten dat ze er niet alleen voor staan. “Ik wil een lijntje blijven houden. Ik app om de paar dagen, bel elke week en videobel vaker dan normaal. Ik stuur soms een kaartje of breng er een rond”, zegt Bleumer.

En haar hulp gaat soms verder. Voor een geïsoleerde mevrouw - ze heeft geen netwerk, krant of tv -  bewaart ze soms de krant en bij een verstandelijk beperkte meneer is ze langsgegaan voor een praatje aan de voordeur. “Ik moest hem toen vertellen over het coronavirus. Hij had geen idee.”

Creatief zijn
Bleumer houdt de contactmomenten voor zichzelf bij op een lijst. Ze vindt het heel belangrijk dat al haar hulp doorgaat en dat ze er voor mensen kan zijn. “We willen voorkomen dat er door corona vertragingen ontstaan. Zo moet een cliënte formulieren invullen en ondertekenen voor de aanvraag van haar uitkering. We hebben een werkplek gemaakt met een scherm, zoals het oude postkantoor. Soms moet je creatief zijn om alles door te laten gaan. Stilstaan is geen optie. Juist nu wil ik de cliënten zekerheid blijven bieden.”

MEE Zuid-Holland Noord
MEE Zuid-Holland Noord is dé expert voor mensen met een beperking en hun omgeving.
Meer informatie over MEE kunt u vinden op www.meezhn.nl.

 

Foto: Eigen foto Astrid Bleumer
Tekst: Merijn van Grieken

‘Coronatijd brengt ook mooie dingen voort'

19 mei 2020


Natuurlijk kan er heel veel niet in coronatijd. Maar Farida Souhali van Mooi welzijn (onderdeel Xtra) bekijkt het liever van de positieve kant. Het brengt ook mooie dingen voort. Zo werken organisaties goed samen, doen jongeren boodschappen voor ouderen en kwamen zorgmijders in beeld. ‘Zij moesten nu wel uit hun schulp kruipen.’

Buurtbewoners kloppen op het raam en gebaren medewerkers of ze alsjeblieft kunnen opendoen… Het geliefde Servicepunt XL in Moerwijk is sinds medio maart dicht vanwege het coronavirus. “Dat viel niet mee voor de bewoners. Ze vielen in een gat. We voorzien hier in een grote behoefte”, zegt Farida Souhali, senior Servicepunt XL medewerker Moerwijk.
Het Servicepunt is het kloppende hart van de wijk Moerwijk. Ze ondersteunt gemiddeld zo’n zestig mensen per week bij het uitleggen en invullen van overheids- en incassobrieven, aanvraagformulieren van de voedselbank, fondsen en urgentie voor een woning of bij crisisvragen rond echtscheidingen. Het zijn vaak laaggeletterden, mensen die de taal niet machtig zijn of het Nederlands wel spreken maar de brieven niet begrijpen. Ze zijn bang dat ze iets over het hoofd zien.

Krachten bundelen
Volgens Souhali brengt de coronaperiode ook mooie dingen voort. Zoals de samenwerking met verschillende organisaties. Zo’n 40-45 medewerkers van MEE, Mooi, Zebra en Voor welzijn bundelden de krachten om het gebruikelijke live contact om te zetten naar telefonische hulpverlening. Binnen twee weken werd een call center geopend met een algemeen noodnummer (070 – 205 3003). Hulpvragen worden doorgezet naar het gen wijkcentrum, zodat cliëntondersteuners de vraag kunnen oppakken.

Het is een schot in de roos met als onbedoeld bijkomend voordeel: in contact komen met een moeilijk bereikbare doelgroep. “De telefoon stond meteen roodgloeiend”, zegt Souhali. “We kregen die eerste weken veel vragen over corona. Er was veel angst over het virus en de maatregelen raakten kwetsbare groepen zoals zieke of (alleenstaande) ouderen. We kregen daardoor een nieuwe doelgroep aan de telefoon die we al jaren proberen te bereiken: de zorgmijders. Door de coronacrisis moesten zij nu wel uit hun schulp kruipen.”

Moeilijk bereikbare groep in beeld
De zorgmijders zijn vaak eenzame ouderen en bewoners voor wie de drempel om naar het Servicecentrum te gaan te hoog is. “De gebruikelijke weerstand tegen elke vorm van hulp, viel door de plotse coronamaatregelen weg. Mensen konden geen boodschappen meer doen, mochten geen bezoek meer ontvangen en vervielen in nog meer eenzaamheid. Ik ben heel blij dat we deze moeilijk bereikbare groep nu in beeld hebben. We nemen regelmatig contact met ze voor een praatje. Het is voor ons een ingang om geleidelijk aan binnen te komen, want vaak is er van alles gaande”, zegt Souhali.

Ook mooi in deze tijd, vindt ze, is de boodschappendienst die in de wijk is ontstaan. “Jongeren die meestal voor overlast zorgen in wijk zetten zich nu vrijwillig in en zijn enorm behulpzaam. Ze doen boodschappen voor ouderen en delen gratis maaltijden uit van de opgerichte Participatie Keuken. Kwetsbare doelgroepen krijgen gedurende de coronacrisis elke dag een gratis maaltijd. Dat is echt geweldig om te zien en heel waardevol.”

Ze kunnen het als het moet
Souhali vindt het net al zoveel hulpverleners, lastig dat ze bewoners alleen telefonisch kan helpen. Maar ook dat vertaalt ze liever positief. “Het is moeilijk om mensen telefonisch in hun kracht te zetten. Bij een face to face gesprek kun je je woorden met lichaamstaal onderstrepen en mensen overtuigen. Omdat mensen nu meer op zichzelf zijn aangewezen, moeten ze bijvoorbeeld wel zelf de gemeente bellen. Ze komen erachter dat ze het kunnen als het moet. Daar groeien mensen van.”

Volgens Souhali laat de coronacrises zien dat ‘we flexibeler en buigzamer zijn dan we denken’. “Corona laat ons zien dat er altijd wel een manier is om mensen te helpen of om mensen te bereiken. Ondanks corona zijn we er voor de buurtbewoners. Voor elkaar en met elkaar. We laten niemand vallen, ook al zijn er beperkingen. We hebben de kracht, inzet en samenwerking om mensen te helpen. Ik ben trots op team Moerwijk.”

Tekst: Merijn van Grieken\
 Afbeelding: Stock

11 mei 2020

De peuterleerplekken van JongLeren (onderdeel Xtra) zijn vanaf vandaag weer voor alle peuters geopend. Afgelopen periode waren de Peuterleerplekken enkel geopend voor noodopvang.

Met de ouders en peuters werd zorgvuldig contact gehouden middels film, telefoon en activiteitenpakketjes die konden worden opgehald en werden rondgedeeld.

Wethouder Hilbert Bredemeijer van Onderwijs, Sport en Buitenruimte, Emiel Grootscholten (directeur JongLeren) en Eric Lemstra (raad van bestuur Xtra) waren vanmorgen op onze Peuterleerplek Anne Frank aanwezig om hun blijk van waardering te geven aan hoe JongLeren de afgelopen periode contact met ouders en peuters hebben gehouden.

Vorige week hebben ouders en peuters een filmpje ontvangen met uitleg over het haal- en brengmoment. Er zijn looproutes aangebracht en de inrichting van de lokalen is aangepast. Toch was het vanmorgen even spannend.... maar alles is goed gegaan. Blij dat de peuters er weer zijn en we samen al spelend aan de ontwikkeling kunnen werken!

Kijk voor meer informatie over JongLeren op www.jonglerendenhaag.nl

08 mei 2020


Lisa van Kuijeren voelt zich in de coronaweken onthand en bij vlagen machteloos. De onafhankelijk cliëntondersteuner van MEE Zuid-Holland Noord (onderdeel van Xtra) doet wat ze kan, maar moet erkennen dat het door de beperkende maatregelen niet altijd gaat zoals ze zou willen. “Ik voel me soms net een tuinman zonder tuin.” 

Lisa van Kuijeren werkt in gemeente Hillegom en Lisse en ondersteunt kwetsbare inwoners, dikwijls mensen met een beperking: van lichamelijk tot verstandelijk, van chronische ziek tot visuele beperkt. Ze wordt ingevlogen om hen op weg te helpen bij het aanvragen van een uitkering, een schuldhulpverleningstraject of een Wmo-indicatie. “Wij kijken daarbij ook naar hun eigen kracht en het netwerk waarin ze verkeren, want uiteindelijk moeten ze zelf verder.” 

Meerwaarde van huisbezoek
MEE Zuid-Holland Noord staat bekend om de lange adem; een dossier sluiten als een cliënt drie keer niet komt opdagen, doet ze niet. “Cliënten vinden het vaak spannend en zeggen afspraken af. Daarom werken wij outreachend. Huisbezoeken zijn laagdrempeliger. Bovendien kom je bij mensen thuis sneller achter onderliggende vragen of problemen die te maken hebben met de oorspronkelijke hulpvraag. De vraag achter de hulpvraag”, vertelt de ondersteuner. 

De meerwaarde van huisbezoeken is voor Van Kuijeren dat het huis veel over de situatie van mensen prijsgeeft en dat cliënten in hun vertrouwde omgeving ongemerkt meer vertellen dan ze in eerste instantie zouden willen. “Je ziet hoe het er in huis aan toegaat. Is het er schoon? Vervuild? Zijn er veel dieren? Hoe is de omgang met huisgenoten? Pas bij cliënten thuis zie je soms  de eenzaamheid, de dreiging van werkloosheid of oplopende schulden. Bijvoorbeeld door stapels ongeopende post.”

Eenzaamheid groeit
Sinds de lockdown op 16 maart heeft Van Kuijeren geen huisbezoeken meer gedaan. Met cliënten onderhoudt ze noodgedwongen zo veel mogelijk contact via videobellen en telefoneren. “Niet alle cliënten hebben een mobiele telefoon, weten hoe het videobellen moet of vinden het te spannend - je ziet immers ook jezelf in beeld. Ik voel me met handen en voeten gebonden met het verlenen van hulp.”

De tijd die ze aan een cliënt besteed, lijkt te zijn gestegen. Bij zowel jong als oud ziet ze de angst en eenzaamheid groeien. Had ze voor de coronacrisis een keer per twee/drie weken contact, nu bellen sommige cliënten haar wel drie keer per dag. Gewoon om een praatje te maken. “Bovenop de psychische en financiële problemen voelen sommige cliënten zich zo eenzaam.”

Ook vinden cliënten het moeilijk om met de onzekerheden van de crisis om te gaan. Ze zitten vol vragen over hoe lang het nog duurt en wat nu wel en niet precies mag. “Sommigen zijn gewend elke dag een kop koffie buiten de deur te drinken of naar het café te gaan. Ze missen sociale contacten, zijn angstig en durven niet naar buiten. Een van mijn cliënten ligt soms hele dagen in bed. Zo sneu. En het enige dat ik kan zeggen is: Hou vol!” 

Zorgen maken
Van Kuijeren maakt zich minstens zoveel zorgen om de mensen die sinds de lockdown juist niets meer van zich laten horen. Of over de jongeren tussen de 20-27 jaar die nog bij hun ouders wonen en plots met lege handen langs de zijlijn zijn komen te staan. “Sommige van hen hebben een arbeidsbeperking en hadden na een lange zoektocht net een passende baan gevonden. Zij zijn nu door de coronacrisis in éénklap alles kwijt: hun dagbesteding, hun salaris en ook hun perspectief op een eigen woning. Dat is heel schrijnend.”

‘Eerste hulp bij vervelingpakket’
Om haar cliënten in deze tijd een beetje op te beuren, heeft Van Kuijeren bij Stichting Present een ‘Eerste hulp bij vervelingpakket’ aangevraagd. Hierin zitten onder meer spelletjes, mandala’s, kleurboeken, stiften, een tekening of een kaartje. Bij een andere cliënt heeft ze plantjes gebracht voor in de tuin en voor de deur neergezet. “Het is voor mij een kleine moeite, maar het gebaar wordt gewaardeerd. Het is een stukje aandacht dat ik kan geven.”

Tekort schieten
Het moeilijke van deze tijd vindt Van Kuijeren dat ze ‘continu het gevoel heeft dat ze tekort schiet’. “Ik voel me een beetje machteloos, het is niet bevredigend. Naarmate het langer duurt realiseer je je dat het werk niet meer hetzelfde wordt. Ik hoop snel weer huisbezoeken te kunnen doen. Indien nodig met beschermende middelen. Hoe onpersoonlijk dat ook is voor mij en de cliënt.”

MEE Zuid-Holland Noord
MEE Zuid-Holland Noord is dé expert voor mensen met een beperking en hun omgeving. We bieden informatie, advies en ondersteuning aan kinderen, jongeren en volwassenen met een lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke beperking, vorm van autisme, chronische ziekte, niet-aangeboren hersenletsel of psychische problematiek. We bieden ondersteuning op alle terreinen van het dagelijks leven: opvoeding en ontwikkeling, leren en werken, regelgeving en geldzaken, samenleven en wonen.

Meer informatie over MEE kun je vinden op onze website www.meezhn.nl.

Tekst: Merijn van Grieken
Foto: Stock en afbeelding Lisa van Kuijeren

24 april 2020

Kleurplaten, materiaal voor een knutselwerkje voor Koningsdag, een verhaaltje, stickers en tekeningen. Het lijkt een kleinigheidje, maar de peuters van peuterleerplek Houtwijk waren dolblij met het doe-pakketje. “We doen er alles aan om juist nu contact met ze te houden en de taal op peil te houden”, zegt Greet Van der Veeke, pedagogisch medewerker van JongLeren Peuterleerplekken (onderdeel van Xtra).

Heel erg opgelucht zijn de leidsters dat hun peuterleerplek op 11 mei de deuren weer mag openen. “We ontvangen de kinderen met open armen. We hebben ze zo gemist!”, zegt ze. Dat staat ook op de ramen van de leerplek: ‘We missen jullie!’ De weken in lockdown, als gevolg van het coronavirus, lijken een eeuwigheid te duren. Voor de juffen, laat staan voor de peuters.

Opnieuw beginnen
Weer opnieuw beginnen is volgens de pedagogisch medewerker de grootste uitdaging. Het merendeel van de 38 peuters heeft ouders met een migratieachtergrond waar thuis (bijna) geen Nederlands wordt gesproken. De kinderen gaan naar de peuterleerplek als ze tweeënhalf jaar zijn; een enkeling als hij/zij drieënhalf is. Die kinderen spreken dan nog geen Nederlands en begrijpen de taal niet.

“Wij zetten alles op alles om hen binnen een half jaar de taal bij te brengen en ze voor de basisschool klaar te stomen. We zingen liedjes, lezen boekjes voor en benoemen alles wat doen. Dat is echt pittig. Door deze lange sluiting dreigt al die aandacht voor taal in een klap weg te vallen. We maken ons grote zorgen over vooral de taalachterstanden”, zegt Van der Veeke.

Voorleesfilmpjes
JongLeren Peuterleerplekken heeft ouders gevraagd met de kinderen taaloefeningen te doen van het programma vroeg voorschoolse educatie en van het taalprogramma Logo3000 dat taal visueel inzichtelijk maakt. Daarnaast maken de vijf vaste leidsters en de invalkracht van de peuterleerplek Houtwijk vanaf de eerste quarantaineweek al voorleesfilmpjes, waarin ze voor de peuters herkenbare boekjes voorlezen van Kikker en Dribbel. Ook maken ze video’s met poppenkastverhalen. Het team stuurt de ouders zo’n drie filmpjes per week via Whatsapp. Er zijn er inmiddels al 25 gemaakt.

Contact houden
“Alle onze inspanningen zijn gericht op contact houden en kinderen in zicht houden. Op deze manier kunnen de kinderen ons zien en horen en blijven we bereikbaar. Daarnaast proberen we de taal in stand te houden. Het is natuurlijk heel aanlokkelijk om een peuter een Ipad te geven, zeker als er nog oudere broers en zussen zijn. Maar een lockdown is echt iets anders dan vakantie”, zegt de pedagogisch medewerker.

Niet alleen het doe-pakketje wordt door ouders hartelijk ontvangen – ‘we ontvangen foto’s van de mooiste creaties’ -, ook de filmpjes worden gewaardeerd. “We krijgen van ouders heel veel leuke reacties terug. Ze geven aan dat hun kind geen genoeg kan krijgen van de filmpjes… Dat is voor ons leidsters hartverwarmend. Ook gaf een jongetje aan ons zo te missen dat hij wilde videobellen.”

Alfabet en cijfers leren
Volgens moeder Mouna Mejri kan haar dochter Miriam (bijna 4) niet wachten weer naar de leerplek te gaan. “Elke dag als ze wakker wordt zegt ze: ‘Het is tijd, ik wil naar school’. Ze wil spelen, met de juffen knuffelen en begrijpt niet goed waarom ze opeens thuis moet blijven. We zijn blij als het 11 mei is, twee maanden thuis blijven is niet goed voor haar taalontwikkeling”, zegt Mejri.

Ondanks het vele oefenen is moeder bang dat haar dochter een taalachterstand oploopt. Haar echtgenoot en zij komen uit Tunesië. Ze spreken onderling Arabisch en met hun drie kinderen Nederlands. “De Nederlandse taal is belangrijk voor hun toekomst. We oefenen elke dag het alfabet en cijfers, lezen boekjes voor en kijken naar de filmpjes van de leidsters. Heel erg leuk dat ze dat doen”, zegt Mejri.

Blij met betrokkenheid
Ook Afsana (3) mist de leerplek. Hoewel thuis Nederlands de voertaal is, is moeder Zainab bang voor achterstanden. “Ik heb mijn handen vol aan mijn drie jonge kinderen, maar oefen zo veel mogelijk met Afsana. We kijken de filmpjes, lezen boekjes en doen de oefeningen. Toch ben ik bang dat ze stilstaat in haar taalontwikkeling en vraag me af wat deze periode op sociaal-emotioneel vlak voor haar betekent. We zijn ontzettend blij met de betrokkenheid van de leerplek”, zegt Zainab.

Naast alle oefeningen en filmpjes geeft stichting JongLeren ouders via de ouderportal tips een boekje te kopen of samen op YouTube naar voorleesfilmpjes te kijken. “We hopen vurig dat er thuis iets mee gedaan wordt, zodat we achterstanden tot een minimum beperken. We verheugen ons nu vooral op het weerzien met de kinderen”, zegt Van der Veeke.

Meer informatie
Kijk voor meer informatie over JongLeren op www.jonglerendenhaag.nl

 

Tekst: Merijn van Grieken| Van Grieken Tekst

Twitterfeed